dinsdag, april 12, 2005

Superzero

Met de bij de prille lente horende frisse moed besloot ik gisteravond tot een fietstocht naar Kantens. Met verrassend gemak scheerde ik over de Wolddijk, de naam van mijn nieuwe tweedehands Koga Road Runner eer aandoend. In Onderdendam was ik al wat van mijn snelheid verloren, maar de laatste kilometers haalde ik met medewerking van de wind nog eens alles uit de kast, als probeerde ik denkbeeldige medevluchters van mij af te schudden.
Even voorbij Stitswerd deed een wanhopig geblaat mij in de remmen knijpen. In de sloot langs de weg stond een lammetje tot zijn middel in het modderwater. Ik nam de steile helling in ogenschouw waarop de makkertjes van het lammetje solidair meeblaatten en concludeerde dat het tijd was voor Superbonny. Ik deed snel mijn cape om en trok mijn onderbroek over mijn lange broek en zou over het hek klimmen om het lammetje te redden toen ik bedacht dat er wel eens een grote hond met gemene tanden op mij af zou kunnen rennen. Verstandiger leek het mij om de boer te waarschuwen en ik reed terug naar de boerderij.
Ik stapte af om eraan herinnerd te worden dat de Koga Road Runner geen damesfiets is. Het grind uit mijn benen plukkend belde ik aan. Geen reactie. Ik belde nogmaals, weer niks. Het komt nu echt op mij aan, realiseerde ik me, en met een lichte opwinding fietste ik naar de plek waar het lam zich bevond. Juist toen ik tot actie over wilde gaan hupte het lichtvoetig uit het water. Verbijsterd staarde ik naar het modderige dier dat argeloos de wei in rende.
Ik wreef over mijn pijnlijke knie, maar mijn gêne maakte al snel plaats voor tevredenheid: het had tòch geholpen.

1 opmerking:

Minerva zei

Bèèèèèèèh!